Zeekraal fotograferen: in september kleurt de kust rood
Tekst en foto’s: Ellen van den Doel
Voor herfstkleuren hoef je niet altijd naar het bos. Langs delen van de Nederlandse kust gebeurt in september iets heel anders: het groene zeekraal begint te verkleuren naar tinten geel, oranje, rood en soms diep paars. Op de juiste plek kunnen complete stukken kwelder daardoor een warme rode gloed krijgen.
Voor fotografen is dit een relatief korte periode waarin het kustlandschap er heel anders uitziet dan in de zomer. Bovendien leent zeekraal zich voor verschillende soorten fotografie. Je kunt het gebruiken als kleurrijke voorgrond in een weids landschap, maar ook juist heel dichtbij gaan en werken met structuur, kleur en een kleine scherptediepte.
Wat is zeekraal?
Zeekraal groeit op plaatsen waar maar weinig andere planten het volhouden. Het plantje is aangepast aan een sterk zilte omgeving en groeit onder andere op natte, open delen van kwelders en schorren. Ook binnendijks kun je het aantreffen op plekken waar de bodem nog behoorlijk zout is, bijvoorbeeld in inlagen en langs zilte kreken. In Nederland ligt het belangrijkste verspreidingsgebied langs de kust van Zeeland en rond de Waddenzee.
Je herkent zeekraal gemakkelijk aan de vlezige, gelede stengels. In het voorjaar en de zomer zijn de planten vooral fris- tot donkergroen. Richting het najaar begint een deel van de zeekraal rood tot paars te verkleuren.

Waarom juist in september?
September is een mooie overgangsmaand. Er staat nog volop zeekraal, maar tegelijkertijd begint de herfstverkleuring zichtbaar te worden. Later in september en richting oktober kunnen de rode en paarse kleuren steeds sterker worden. Het exacte moment verschilt per gebied en per jaar. Verwacht daarom niet dat iedere groeiplaats op hetzelfde moment volledig rood is. Juist de combinatie van groen, geel, oranje en rood kan fotografisch erg interessant zijn. Daar komt bij dat de zon in september alweer lager aan de hemel staat. Vooral vroeg en laat op de dag geeft dat meer strijklicht over de lage begroeiing en de structuren van slik, water en kleine kreken.
Waar kun je zeekraal fotograferen?
Zeekraal komt vooral voor in Zeeland en langs de Waddenzee. Een paar interessante gebieden zijn:
- Kwade Hoek – Goeree-Overflakkee: een dynamisch buitendijks gebied met slikken, schorren en kreken waar zout water het gebied binnenstroomt. Er groeit zeekraal en delen zijn via wandelroutes goed te bereiken. In het najaar kan het er behoorlijk nat zijn, dus waterdichte schoenen of laarzen zijn geen overbodige luxe.
- De Slufter – Texel: misschien wel een van de bekendste Nederlandse voorbeelden. De zee kan hier via kreken het gebied binnendringen. Zeekraal groeit er volop en geeft De Slufter in het najaar een rode gloed. Vanuit het gebied zelf kun je zowel landschappen als details fotograferen.
- Noarderleech / Noard-Fryslân Bûtendyks: een uitgestrekt kweldergebied aan de Friese Waddenkust met slikvelden, slenken en veel zoutminnende planten. Zeekraal is er goed vertegenwoordigd en juist in het najaar krijgen de kwelders veel kleur.
- Schiermonnikoog: op de grote kwelder ten oosten van het eiland groeit zeekraal tussen andere zoutminnende planten. Buiten het broedseizoen zijn delen van de kwelder toegankelijk en in de herfst kan de zeekraal er intens rood kleuren.
- Zeeland: kijk vooral langs de Oosterschelde en op en rond schorren, slikken en zilte inlagen. Zeekraal komt langs de Zeeuwse kust veel voor. Onder andere bij het Verdronken Land van Zuid-Beveland groeit de plant op de schorren.
Let bij natuurgebieden altijd op de actuele toegankelijkheid. Kwelders en schorren zijn belangrijke rust- en voedselgebieden voor vogels en sommige stukken zijn niet vrij toegankelijk.


Zelf een groeiplaats vinden
Je hoeft niet uitsluitend naar de bekende locaties. Als je zelf op zoek wilt, zijn woorden als kwelder, schor, slik, inlaag, gorzen en zilte natuur goede aanwijzingen op een kaart. In Noord-Nederland wordt meestal over kwelders gesproken, terwijl je in Zeeland vaker de term schorren tegenkomt. Kijk vooral naar open, natte gebieden met zout of brak water. Zeekraal groeit graag op lage, zonnige delen waar de bodem nat en behoorlijk zout is. Ook de NDFF Verspreidingsatlas is handig bij het zoeken. Op de verspreidingskaart van zeekraal zie je in welke delen van Nederland waarnemingen zijn gedaan. Daarmee kun je eerst een interessant kustgebied zoeken en vervolgens via kaart- en satellietbeelden bekijken waar slikken, kwelders of inlagen liggen.

Zeekraal in het landschap fotograferen
Een veld zeekraal is prachtig van kleur, maar kleur alleen maakt nog geen sterke landschapsfoto. Zoek daarom naar iets waarmee je structuur in het beeld kunt brengen.
Gebruik kreken en geulen. Op kwelders lopen vaak kronkelende watergeulen tussen de planten door. Die zijn ideaal als lijn door je compositie. Bij laag of afgaand water worden bovendien steeds meer structuren in het slik zichtbaar.
Ga laag. Met een laag standpunt kun je een relatief klein veld zeekraal veel groter laten lijken. Gebruik de rode planten als voorgrond en combineer ze bijvoorbeeld met een kreek, de Waddenzee of een mooie lucht.
Probeer ook een langere brandpuntsafstand. Met een groothoek wil je al snel alles laten zien, terwijl een 70-200 mm juist heel geschikt kan zijn om patronen, kleurvlakken en kronkelende geulen uit het landschap te isoleren. Door de grotere brandpuntsafstand lijken de verschillende rode en groene velden bovendien dichter tegen elkaar aan te liggen.
Let op het getij. In gebieden die nog rechtstreeks onder invloed van eb en vloed staan, verandert je compositie in korte tijd. Rond lager water worden slik, structuren en geulen zichtbaar. Met wat meer water kunnen juist mooie reflecties tussen de zeekraal ontstaan. Kijk vooraf dus niet alleen naar zonsopkomst en zonsondergang, maar ook naar het getij.
Wel of geen polarisatiefilter?
Een polarisatiefilter kan interessant zijn wanneer de zeekraal nat is. Door reflecties op de plantjes en het slik te verminderen kunnen de kleuren intenser worden. Maar draai het filter niet automatisch naar maximale werking. Juist de glans van natte planten, kleine wateroppervlakken en reflecties kan sfeer aan je foto toevoegen. Kijk dus door de zoeker terwijl je het filter draait en bepaal per compositie hoeveel reflectie je wilt behouden.
Zeekraal van dichtbij fotograferen
Ook voor macro- en detailfotografie is zeekraal verrassend interessant. Zeker wanneer verschillende planten naast elkaar al groen, geel, oranje en rood kleuren. Met een macrolens kun je de kenmerkende structuur van de plant isoleren. Maar ook een telelens waarmee je redelijk dichtbij kunt scherpstellen is uitstekend bruikbaar. Zoek niet alleen naar één perfecte plant. Een klein groepje rode stengels tegen een achtergrond van andere zeekraal kan veel sterker werken. Met een wat grotere lensopening maak je van de achtergrond een zacht vlak van herfstkleuren. Na regen, dauw of een hoogwaterperiode kunnen druppels op de vlezige stengels extra details toevoegen. Tegenlicht of licht van opzij laat die druppeltjes mooi oplichten. Wil je juist zoveel mogelijk structuur zichtbaar houden, kies dan bijvoorbeeld voor f/8. Voor een zachter, abstracter beeld kun je met een grotere lensopening werken en slechts één klein deel scherp houden.

Wind? Houd je sluitertijd in de gaten
Op de open kust staat vrijwel altijd wel wat wind. Bij landschapsfoto’s valt de beweging van de lage zeekraal soms nauwelijks op, maar bij macrofotografie wordt iedere beweging zichtbaar. Verhoog daarom liever je ISO dan dat je met een te lange sluitertijd werkt. Zeker bij dichtbij-opnamen kan een sluitertijd van bijvoorbeeld 1/250 seconde of sneller veel verschil maken. Focus stacking kan mooi zijn wanneer je meerdere delen van een plant scherp wilt hebben, maar werkt alleen goed als de zeekraal tijdens de serie nauwelijks beweegt.
Pas op met rood
Wanneer het laatste zonlicht op felrode zeekraal valt, kunnen de kleuren behoorlijk intens worden. Controleer daarom niet alleen of je foto in het algemeen goed belicht is, maar kijk als je camera dit kan weergeven ook naar het RGB-histogram. Het rode kleurkanaal kan al tegen clipping aanlopen terwijl de totale belichting nog helemaal niet extreem lijkt. Ook in de nabewerking is enige terughoudendheid vaak mooier. Zeekraal kan van zichzelf al opvallend rood, oranje en paars zijn. Extra verzadiging is lang niet altijd nodig.
Geen spectaculaire lucht? Geen probleem
Zeekraal is juist een onderwerp waarvoor je niet per se een spectaculaire zonsopkomst of zonsondergang nodig hebt. Op een bewolkte dag zijn de contrasten kleiner en blijven de kleuren in de planten goed zichtbaar. Dat maakt zulke omstandigheden heel geschikt voor details, patronen en meer ingetogen landschappen. En heb je wél mooi licht, dan kun je proberen het warme rood van de zeekraal te combineren met het licht van de vroege ochtend of late avond.

Respecteer het gebied
De mooiste zeekraal staat lang niet altijd direct naast een wandelpad. Toch is dat geen reden om zomaar een kwelder of slik op te lopen. Het zijn kwetsbare natuurgebieden en belangrijke plekken voor vogels. Daarnaast kunnen slik en snel opkomend water voor onverwacht gevaar zorgen. Controleer daarom vooraf waar je mag komen, blijf waar nodig op de aangegeven routes en houd rekening met het getij. Op sommige locaties zijn excursies juist een goede manier om gebieden te bezoeken die normaal niet toegankelijk zijn.
In september op pad
September is dus een mooi moment om eens iets anders te zoeken dan de eerste herfstkleuren in het bos. Langs de Nederlandse kust ontstaat een heel eigen kleurenpalet van zilte modder, water, groen, oranje en rood. En doordat zeekraal zowel in een groot landschap als op enkele centimeters afstand interessant is, kun je op één locatie met totaal verschillende beelden thuiskomen.


Laat een reactie achter